Veerconstante:


Op deze pagina worden de volgende onderdelen beschreven:

-Veerconstante


 

Veerconstante:
De soepelheid van een veer wordt aangegeven door de veerconstante. De veerconstante van een lineaire schroefveer is anders dan die van een progressieve schroefveer. Bij een lineaire veer is de afstand tussen alle windingen gelijk. Bij een progressieve veer zijn deze afstanden niet gelijk; bovenaan of onderaan de veer zullen de windingen dichterbij elkaar geplaatst zijn dan elders. Het verschil tussen deze twee type veren is in de onderstaande afbeelding te zien:


Afbeelding van een lineaire en een progressieve schroefveer

Bij een lineaire veer zakt de veer altijd een bepaalde afstand in bij een bepaald gewicht. Hieronder volgt een voorbeeld van de veerweg van een lineaire veer:
- Met 100kg extra belasting zakt de auto 2cm in.
- Met 200kg extra belasting zakt de auto 4cm in.
- Met 300kg extra belasting zakt de auto 6cm in.

Er bestaat nu bij deze lineaire veer een verband tussen gewicht en afstand. Hieronder wordt het inveren van een lineaire veer weergeven; hoe groter de kracht op de veer is, des te groter de veerweg is. De lijnen zijn kaarsrecht omdat de afstand tussen alle windingen van de veer gelijk aan elkaar zijn.


(Grafiek van een lineaire veerweg)


Bij een progressieve veer is er geen verband tussen het gewicht en de afstand. Deze veer wordt steeds stugger naar mate deze verder inveert. Het eerste stuk gaat makkelijk, maar bij toename van de belasting veert deze steeds minder ver in. Dat komt doordat aan de bovenkant de windingen dichter bij elkaar liggen. Hieronder volgt een voorbeeld van de veerweg van een progressieve veer:
- Met 100kg extra belasting zakt de auto 2cm in.
- Met 200kg extra belasting zakt de auto 3cm in.
- Met 300kg extra belasting zakt de auto 3,5cm in.

Hieronder is de grafiek van een progressieve veer te zien. In het begin zal bij toenemende kracht van de veer de veerweg toenemen. De lijn is niet kaarsrecht, maar loopt schuin naar boven. Dat wil zeggen, dat als de kracht op de veer verder toeneemt, de veerweg steeds minder wordt. De auto zal dus steeds minder ver inveren bij een toenemende kracht op de veer.



Constructeurs van auto's zijn altijd op zoek naar de beste verhouding tussen het comfort en de rijeigenschappen van het voertuig. Door de progressiviteit van de veer aan te passen (door meer- of minder wikkelingen dicht bij elkaar te plaatsen) kan de veerweg worden aangepast. Ook de diameter van de winding zelf heeft veel invloed op de hoeveelheid torsie die mogelijk is. Bij iedere auto zal dit dus anders zijn. Ook van dezelfde type auto's met een andere cilinderinhoud, soort motor (benzine of diesel), sport pakket etc. zijn er allemaal verschillende soorten veren.
Verlagingsveren zakken vaak het eerste gedeelte heel veel in, zodat de auto in de neutrale stand al lager boven het wegdek staat. Daardoor moet het moeilijker zijn om de auto in te laten veren, dus worden de veren extra progressief gemaakt. Anders zou het voertuig veel te snel het wegdek raken. Doordat de veren minder makkelijk inveren, wordt het voertuig stugger; dit door sommige mensen onprettig ervaren.

Voor meer informatie over vering, zie het hoofdstuk Vering.