Synchromeshringen:


Op deze pagina worden de volgende onderdelen beschreven:
-
Synchromeshringen

 

Synchromeshringen:
Wanneer er geen synchroniseerinrichting wordt gebruikt, zullen de tandwielen door het verschil in toerental niet, of krakend in elkaar grijpen. Om het koppelen van de tandwielen soepel te laten verlopen, worden er synchromeshringen gebruikt. De synchromeshringen zorgen ervoor dat de toerentallen van de as en het tandwiel gelijk aan elkaar zijn bij het inschakelen. Alle versnellingen (1 t/m 5 of 6) zijn gesynchroniseerd, vaak behalve het achteruittandwiel. Dat merk je ook wel, doordat het tandwiel nog wel eens wil kraken bij het inschakelen van de achteruitversnelling. Soms worden de achteruittandwielen wel gesynchroniseerd.


De tandwielen van de versnellingen die niet zijn ingeschakeld, draaien vrij om de uitgaande as. Het inschakelen van een versnelling betekent dus het koppelen van een vrij draaiend tandwiel aan de uitgaande as. Wanneer er een versnelling ingeschakeld wordt, moet het toerental van de uitgaande as overeenkomen met het toerental van het in te schakelen tandwiel. De synchromeshring zit d.m.v. spiebanen aan de uitgaande as verbonden en draait dus ook het zelfde toerental als deze uitgaande as. Het tandwiel dat ingeschakeld moet worden heeft een ander toerental dan de uitgaande as, dus ook een ander toerental dan de synchromesh. Doordat de schakelvork beweegt, neemt deze de synchromesh mee en zal het conische gedeelte van de synchromeshring tegen het inwendige conische vlak van het tandwiel gedrukt worden. De conische gedeeltes van beide delen worden tegen elkaar gedrukt, waardoor de wrijving tussen de conische vlakken gelijk gemaakt wordt. Wanneer er geen snelheidsverschil meer is tussen beide tandwielen, kan de schakelmof worden doorgedrukt, zodat de tanden in elkaar glijden en daardoor de versnelling zonder kraken ingeschakeld is. De synchroniseerinrichting werkt niet alleen bij het inschakelen van de versnellingen, maar ook bij het overschakelen en terugschakelen.

Het is erg slecht voor de synchromeshringen om heel snel te schakelen, dus om de pook heel hard in een versnelling te drukken. De synchromesh krijgt dan niet de tijd om te synchroniseren. Het is daarom het beste om bij het schakelen de pook zachtjes tegen de weerstand in te drukken en pas door te drukken als deze bijna vanzelf in zijn versnelling schiet.

Een synchromeshring is een slijtageonderdeel. Tijdens het schakelen vindt er wrijving plaats, dus zal het onderdeel na verloop van tijd slijten. Bij normaal gebruik kan de synchromeshring een autoleven meegaan, maar bij ondeskundig gebruik of sportief schakelen zullen de synchromeshringen voortijdig versleten zijn. De afstand (3) tussen de synchromeshring en het tandwiel in de onderstaande afbeelding zal daarbij kleiner worden. Dat komt doordat de synchromeshring slijt op het raakvlak waar deze het tandwiel raakt. Dit gedeelte is met afstand 1 aangegeven.



Wanneer de versnellingsbak uit elkaar gehaald is, kunnen de synchromeshringen op slijtage gecontroleerd worden. Met een voelermaatje kan de afstand tussen de synchromeshring en het tandwiel gemeten worden. Hierbij dient de versnelling niet ingeschakeld te zijn.
Wanneer de synchromeshring slijt, wordt de afstand tussen de synchromeshring en het tandwiel kleiner.



De fabrikant van de auto of versnellingsbak beschrijft in de werkplaatsdocumentatie wat de slijtagegrens van de synchromeshring is. Als de gemeten waarde kleiner is dan de maximale slijtagewaarde in de werkplaatsdocumentatie, dient deze vervangen te worden.

Voor meer informatie over de handgeschakelde versnellingsbak, kijk dan op de pagina Handgeschakelde versnellingsbak.