Carterpan:


Op deze pagina worden de volgende onderdelen beschreven:

-Carterpan
-Oliezeef
-De-/montage van de carterpan


Carterpan:
Onder elke benzine- en dieselmotor zit een carterpan gemonteerd. Dit is o.a. de opslagplaats van olie. Als de motor stil staat, verzameld 90% van de olie zich hier in. De rest bevind onderdelen zoals de cilinderkop, oliepomp, turbo, etc. Klik hier voor meer informatie over de motorolie. De oliezeef (waardoor de olie via de oliepomp aangezogen wordt) bevind zich op het laagste punt van het carter.
Aan de onderzijde van het carter bevindt zich bijna altijd een aftapplug. Deze zit op het laagste punt, en is bedoeld voor het aftappen van de olie bij bijvoorbeeld een beurt.
Er zijn motoren (bijv. van een oud type Smart) die geen aftapplug hebben. De olie moet dan via een buis met een speciaal afzuigapparaat eruit gezogen worden. De carterpan aan in de onderstaande afbeelding is van een BMW. Deze is vrij plat. Sommige andere exemplaren zijn een stuk dieper. Dat is volledig afhankelijk van de motorconstructie met de krukas etc.
Tussen het motorblok en de bovenkant van de carterpan zit altijd een pakking. Dit kan van papier, kurk of rubber zijn, maar in de meeste gevallen is dit vloeibare kit. Deze kit droogt op als het in aanraking komt met de buitenlucht.

In de carterpan wordt een zogenaamde "carterdruk" opgebouwd. De onderkanten van de zuigers/cilinders komen hier op uit. De drukken ontstaan door o.a. de lekgassen langs de zuigerveren. Deze carterdampen moeten afgezogen worden door de motor. Zie daar over meer in het hoofdstuk Carterventilatie.



Oliezeef:
De oliepomp zuigt de olie vanuit het carter en pompt het naar de smeerkanalen. Aan het begin van de aanzuigbuis zit nog een zeef (soms ook wel carterfilter genoemd). Deze zeef dient er voor om grove vuildeeltjes tegen te houden voor dat deze in de oliepomp terecht komen. De zeef kan verstopt raken door bijvoorbeeld; black sludge (bij het door rijden met oude motorolie) of door sludge door het verbranden van de motorolie. Dit laatste kan gebeuren als de uitlaat onder, of vlak langs de carterpan loopt. Als de motor zwaar belast is en de uitlaat dus gloeiend heet is en de motor wordt te snel stilgezet, trekt de warmte van de uitlaat naar het carter. De olie die al zeer warm is, kan ter hoogte van de oliezeef verbranden. Dit is bijvoorbeeld een bekend probleem van bepaalde types VW Passat, Audi A4 en Skoda Superb met een 1.8 turbomotor waar bij de motor in lengterichting ligt.
Het oliedruklampje (rood) kan dan onder bepaalde omstandigheden gaan branden. Het is dan noodzakelijk om de zeef te controleren op vervuiling, indien nodig reinigen en het liefst te vervangen.




De-/montage van de carterpan:
Bij lekkage van de carterpanpakking of bij beschadiging van het carter zal het carter gedemonteerd moeten worden. Als eerst dient de motorolie afgetapt te worden. Afhankelijk van het type motor zal ook een deel van de uitlaat (als deze er onder door loopt) gedemonteerd moeten worden. Soms moet het subframe zakken. Als er onder het carter genoeg ruimte is kunnen alle boutjes los gedraaid worden. Het carter zal vastgeplakt zitten aan het motorblok door de pakking die beide delen aan elkaar hecht. Verwijder het carter zorgvuldig.
Als het carter eraf is zitten de oude kitresten overal nog aan geplakt. Anders kan het ook een losse rubberen pakking zijn, welke het makkelijkst te vervangen is. Bij los kit dienen alle oude kitresten van zowel het carter als het motorblok verwijderd te zijn. Gebruik daar voor geen grof schuurpapier, want dat maakt (diepe) krasjes die zich kunnen vullen met motorolie. Beide oppervlaktes moeten natuurlijk wel zo vlak mogelijk blijven.
Na alles vet vrij te hebben gemaakt is het tijd om de nieuwe vloeibare pakking aan te brengen. Beslist niet te veel erop smeren, want dan kunnen er na montage delen kit in het carter terecht komen welke de oliezeef kunnen verstoppen. Smeer de kit een beetje uit over het hele gedeelte van het montagevlak van het carter en verwijder het te veel aan kit.
Na montage kan er al vrij snel motorolie toegevoegd worden. Het is wel geadviseerd om het minimaal een uur te laten drogen voor dat er met de auto gereden wordt.