Luchtmassameter:


Op deze pagina worden de volgende onderdelen beschreven:
-Werking van de luchtmassameter
-Sensor spanningen
-Gevolgen van een defecte luchtmassameter



Werking van de luchtmassameter:
De luchtmassameter zit tussen het luchtfilterhuis en de luchtaanzuigbuis in gemonteerd. Al de aangezogen lucht gaat door de luchtmassameter heen. Bij een atmosferische motor wordt de lucht aangezogen door de onderdruk in de cilinders en bij een motor die uitgevoerd is met een turbo wordt de lucht door het compressorwiel aangezogen. De luchtmassameter meet de hoeveelheid lucht dat de motor in gaat. Aan de hand van deze gegevens kan met behulp van de kernveld waarden in het motorregelapparaat o.a. de hoeveelheid brandstof bepaald worden.

In de luchtmassameter zit een elektrisch verwarmde platina hittedraad die op een constante temperatuur wordt afgeregeld. De voorbij stromende aanzuiglucht koelt deze hittedraad. Hoe meer aangezogen lucht er langs gaat, des te meer de draad afkoelt. De afkoeling veroorzaakt een hogere weerstand in de hittedraad. Deze verandering wordt door de elektronica van deze sensor herkent en heeft tot gevolg dat de stroom op de hittedraad toeneemt. De hogere stroom door de meetweerstand geeft een hogere deelspanning en dus een hogere signaalspanning. Dat signaal wordt naar het motorregelapparaat (ECU) gestuurd en herkent hieraan de hoeveelheid luchtmassa.


Sensor spanningen:
De voedingsspanning op deze sensor bedraagt 12 volt. Het signaal van deze sensor bedraagt over het algemeen (afhankelijk van merk en type):
1.  Contact aan, geen luchtstroom: 0,2 - 1,5 Volt.
2.  Stationair draaiende motor: 1,5 - 3,0 Volt.


Gevolgen van een defecte luchtmassameter:
- Minder vermogen (hoeft niet altijd merkbaar te zijn)
- Lagere topsnelheid
- Meer brandstofverbruik
- Meer roetuitstoot (dieselmotor)
- Motor komt slecht op toeren bij bijvoorbeeld vollast